De Nieuwe Rijnkrant

Nieuws en Commentaar

Mark Rutte en Holocaustontkenning

leave a comment »

De editie van NRC Handelsblad van 29 Mei meldt dat Mark Rutte, vooralsnog leider van de VVD, terug is gekomen op zijn standpunt tegen het in Nederland geldende verbod op Holocaustontkenning. Hierbij maakt hij echter een belangrijk onderscheid: omdat volgens hem Holocaustontkenning doorgaans plaatsvindt in de context van aanzetten tot geweld, zou het om die reden in de praktijk alsnog verboden blijven, maar dit zou niet gelden voor “een studeerkamergeleerde die van de weg is geraakt”.1

Het is te betreuren dat binnen zijn partij, wiens enige nut tenslotte nog kan bestaan uit het verdedigen van civiele vrijheden wanneer daar inbreuk op gedaan wordt door de tyrannie van conservatief-roze middelmatigheid en halfslachtigheid, hem dit standpunt nu kwalijk wordt genomen. Des te meer verontrustend is de manier waarop het idee van een verbod op Holocaustontkenning wordt gepresenteerd als een onderwerp waar niet aan getornd mag worden, een sine qua non van de Nederlandse ‘rechtsorde’, alsof het hier zou gaan om een verworvenheid van het kaliber van universeel kiesrecht of gelijkberechtiging in gelijke zaken. Het tegendeel is echter het geval: ongeacht of de motieven voor een dergelijk verbod juist zijn of niet, betreft het hier een verbod op het innemen van een standpunt binnen een discussie, en dan nog wel één die noodzakelijkerwijs volstrekt academisch is in de dubbele zin van het woord. Het verleden kan door niemand gewijzigd worden, en de effecten van verleden handelingen kunnen niet ongedaan gemaakt worden. Het enige wat er dan toe doet is de juiste beschrijving en interpretatie van het verleden om het heden te dienen. Hierbij gaat het niet aan om één versie, hoe evident juister deze ook is op basis van het overweldigend bewijsmateriaal, met het dwangmiddel van repressie op te leggen.

Hiervoor zijn praktische redenen: het verbodene is altijd aantrekkelijk, en het verdedigen van de waarheid lijdt juist schade wanneer deze met uitsluitend machtsmiddelen en niet met argument verdedigd wordt, omdat des te meer er altijd die groepen zullen zijn die een samenzwering vermoeden of een skeptische houding gaan aannemen uit algemeen skepticisme jegens de bestaande staat. Een dergelijk skepticisme is doorgaans heel nuttig, hoewel ook dit zoals alle zaken kan omslaan in haar tegendeel. Het is dan ook niet wenselijk om precies die paranoia die leidt tot obsessieve vreemdelingenhaat en fascistoïde gedrag aan te moedigen door er geheel onnodig een aanleiding toe te geven.

Maar er zijn ook principiële politieke redenen om het verbod te verwerpen. Juist progressieve politiek denkers zouden zich moeten realiseren dat het uiterst ongewenst is de huidige staten van het Westen wat voor monopolie dan ook toe te kennen op het gebied van de geschiedschrijving. Als men nagaat wat een moeite en werk het gekost heeft en nog kost om zelfs maar het geringste besef van het totale moreel failliet van het imperium van de white man’s burden de profiteurs in ons land en elders bij te brengen, dan kan men wel nagaan dat het aanmoedigen van overheidsmonopolies juist op dit ene vlak nu eens niet een progressieve maatregel is en kan zijn. Een monopolie op de geschiedschrijving is een monopolie op de beschrijving van het heden, en een monopolie op de beschrijving van het heden is een ideologische almacht. Het is één ding om een specifieke historische visie te onderwijzen in de scholen – dit is juist en gerechtvaardigd, want anything goes is geen geschiedfilosofie en er bestaan geen neutrale standpunten. Het is een ander ding om echter geheel buiten ieder kader van spreken met verlichtend gezag niettemin op basis van het gezag van de verlichte staat afwijkende historische analyses omwille van zichzelf te onderdrukken.

Tenslotte is ook de waarheid zelf er niet mee gediend. John Stuart Mill heeft in On Liberty al in detail beschreven waarom een verdediging van waarheid door repressie een verdediging inhoudt van eigen onfeilbaarheid, en bovendien iedere mogelijkheid voor zelfverbetering verijdelt. Het resultaat is dat als de staat niet perfect is, wat zij nooit kan zijn uit grond van haar bestaansreden, zij zichzelf en anderen kwaad doet door met censuur op te treden. Ook moet waarheid geen routinekwestie worden, waarin iedereen het van elkaar overneemt zonder stil te staan bij de betekenis ervan, enkel omdat dit verwacht wordt of de enige toegestane werkelijkheid is. Het resultaat is dan dat het vervalt van waarheid tot rite, en van rite tot wartaal – men kan dit eenvoudig opmaken uit de ontwikkeling van de oplegging van de Christelijke riten aan opeenvolgende generaties in hun ‘wolk van niet-weten’: weinig Britten kunnen u nu vertellen wat hallowed be thy name precies inhoudt, om nog niet te spreken over de ‘betekenis’ van de frase Hocus Pocus Pilatus Pas. Juist omdat het in deze specifieke kwestie gaat om een die fundamenteel is voor het begrip van de politieke geschiedenis van de 20e eeuw, is het ontoelaatbaar dat men over zou gaan op learning by rote, in welk geval men snel verzekerd kan zijn van het verdwijnen van ieder begrip van de zaak.

Deze kwestie is te belangrijk om aan de liberalen over te laten. Hoe meer de waarheid wordt verdedigd met het schild van de repressie, hoe zwakker haar positie werkelijk is. Men schaart zich pas onder haar banier als zij zich een winnares van veldslagen toont in haar eigen recht.

1. “Rutte: ontkennen Holocaust is fout bij aanzet geweld”. NRC Handelsblad (Mei 29, 2009).->

Written by Matthijs Krul

mei 31, 2009 bij 02:01

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: